Image Alt
Visuele communicatiesystemen.

Aangezien het echt lawaaierig was in de mijnen, moesten mijnwerkers ook kunnen vertrouwen op visuele communicatiesystemen zoals verschillende symbolen.
Op deze pagina leest U over de verschillende manieren van visuele communicatie die de mijnwerkers gebruikten, zoals symbolen, lichtsignalen, divers kleurgebruik en het penningenbord

Communicatie met  symbolen

Een van de oudste en misschien ook wel belangrijkste communicatiemiddelen in de ondergrondse mijnen waren borden. Borden met aanwijzingen, mogelijke gevaren of verboden handelingen waren een essentieel onderdeel van het communicatiesysteem. Om het begrip van de betekenis van tekens te vereenvoudigen en te versnellen, heeft mijnen kleursystemen ontwikkeld.

 

 

Het meer in het algemeen begrijpen van het kleursysteem en de signalering waren essentieel voor de veiligheid van de mijnwerkers. Opzichters waren verantwoordelijk dat zij en al het personeel de betekenis van elke kleur en de symbolen op de borden kenden (Coresafety, 2013, p.3-4).

Er was nog een kleursysteem voor snelle en gemakkelijke visuele communicatie: verschillende kleuren van de helm.
Deze duidden de verschillende functie binnen de mijnen aan.
Op deze manier konden werknemers gemakkelijk en snel identificeren of iemand een elektricien, een opzichter of een mijnwerker was.
In de Oranje-Nassau-mijnen werden witte helmen gedragen door opzichters, blauwe helmen door elektriciens, rode helmen door metaalarbeiders en gele helmen waren voor de mijnwerkers.
Ontdek het 3D-model van de helm: Draai het om, zoom in en klik op de verschillende nummers voor meer informatie.

3D-model gemaakt door Theresa Geulen

We spelen een spelletje om er zeker van te zijn dat u de juiste kleur herkent! Sleep de helmen naar het woord van het betreffende beroep.

Controle steenkoolmijn en penningen.

Een van de niet-technologische maar zeer efficiënte visuele communicatiesystemen was het penningensysteem. Dit werd in gebruik genomen aan het einde van de negentiende eeuw en informeerden de opzichters wie er op enig moment ondergronds werkte. Bovendien werd het controlesysteem van vitaal belang wanneer reddingsdiensten moesten weten hoeveel mannen ondergronds vastzaten in geval van een noodsituatie zoals een instorting, brand of explosie.
Oudere systemen bestonden gewoonlijk uit één enkele controle of penning per werknemer. Aan het begin van een dienst overhandigde de mijnwerker zijn genummerde penning aan de portier, die hem in ruil daarvoor een veiligheidslamp met het zijn nummer overhandigde. Aan het einde van een dienst gaf de mijnwerker de veiligheidslamp terug voor zijn penning en deze mee naar huis tot zijn volgende dienst (Thompson, 2013).
Net als andere communicatiesystemen zijn ook controlesystemen in de loop van de tijd verder ontwikkeld en tegen het einde van de jaren zeventig werd een systeem met drie controles (veiligheidscontrolesysteem) gebruikelijk. In dit systeem werd het oorspronkelijke lampenpenning aangevuld met twee extra penningen. Een die aan de portier werd overhandigd voordat hij de schacht afdaalde en een die de arbeider tijdens de dienst bij zich hield. Penningen werden meestal vervaardigd met een nummer en de naam van het mijnbedrijf en bestonden in verschillende vormen, maten, kleuren en materialen (Thompson, 2013).

DSC_0148

Communicatie met licht en lampen.

Door slechte verlichting ondergronds en luide machines communiceerden mijnwerkers ook via hun petampen.
Er was ook een waarschuwingssysteem dat gebruik maakte van gekleurde lichten: een rood licht waarschuwde mijnwerkers voor gevaar. Dit geeft aan dat ze niet zonder toestemming de mijn mogen betreden of om het gebied te evacueren. Bij een geel licht moest men voorzichtig zijn en waarschuwde mijnwerkers voor een mogelijk gevaar of beperkte toegang (Coresafety, 2013 , p.11).

Tijd om je kennis te testen!

Ontdek meer op de website van het Nederlands Mijnmuseum.

Hebt U vragen over het museum, deze website, over het project van de Universiteit van Maastricht of een andere vraag, stuur dan even een bericht.